Tagarchief: Co-Makership

Nieuwe selectiemethoden vereisen studie vooraf

Auteurs: Martin Liebregts en Yuri van Bergen

Programmastudie, een creatieve puzzel

Een programmastudie richt zich op de samenhang tussen de huidige en toekomstige vraag en het aanbod. De integraliteit bestaat eruit dat alle aspecten (kwaliteit, kosten, sociaal) op alle schaalniveaus in hun context beschouwd worden en geïllustreerd worden via concepten ofwel varianten. Het is een mond vol om te zeggen dat het programma het resultaat is van een ontwerpproces, waarbij alle onderdelen met elkaar in verband worden gebracht om de gewenste kwaliteitsaanpassing te verbeelden. Een programma is geen optelsom van prestaties, maar is vooral een waardering en/of keuze die illustreert waarnaar gezocht wordt. Het is een combinatie van vastomlijnde prestaties en een verhaal over de toekomst. Bijgevoegde figuur laat de puzzelstukjes zien en geeft de stappen aan, die bij een programmastudie gezet worden. Een programmastudie is een zoektocht en een creatieve puzzel, waarbij gebruik gemaakt wordt van alle benodigde disciplines. In wezen is hier bij de kwaliteitsaanpassing van de bestaande (woning)bouw allereerst een conceptontwikkelaar aan het werk, die via inventarisatie en analyse poogt mogelijkheden te verbeelden met de bijbehorende consequenties. Tijdens zo’n creatief proces zoekt de conceptontwikkelaar draagvlak voor het toekomstbeeld bij de betrokken partijen. Voor zover er sprake is van een groepsproces, is dit toch vooral bedoeld om het speelveld in kaart te brengen.

Lees verder

Aanbesteding als innovatiestimulerende factor: geen aannemer maar bouwer gezocht

auteurs: Yuri van Bergen en Martin Liebregts

Als het aan het afzonderlijk bouwbedrijf ligt, kunnen ze alles. Laat ze maar aan tafel komen zitten en het wordt opgelost. Als het zo gemakkelijk was, dan was de bouw al jaren een bruisend innovatie bad, waar het prettig vertoeven is. Het tegendeel is waar, want innovatie in de bouw heeft de afgelopen decennia op een laag peil gestaan. Voor zover er sprake was van verbetering, dan betrof het vooral de samenwerking en de logistiek. En die vooruitgang is zo bescheiden, dat wanneer je ze afzet tegen die in andere bedrijfstakken, het bijna verbleekt.
Dus het vervroegen van het transactiemoment is niet zomaar een garantie voor innovatie. Misschien zelfs het tegendeel en vertraagt het de innovatie. Het doet ons denken aan het soort onderwijs, waarbij het volgen van een vak al genoeg was voor een voldoende. Het resultaat was dat studenten alleen maar luier werden. Punten geven en concurreren zijn stimuli om een extra inspanning te leveren en grenzen te verleggen. Deze sport van innovatie beoefen je niet alleen, maar doe je samen met andere partijen. Dan is er sprake van collectief bouwmeesterschap.

Lees verder

Actiefhuis morgen gangbaar (2): de Toyota Prius als metafoor

Door: Martin Liebregts en Yuri van Bergen

De afgelopen vijftig jaar hebben zich grote veranderingen voorgedaan in het energiegebruik in de woning. In principe werd er geleefd met de cyclus van de dag en van de seizoenen. In de jaren vijftig gingen de bewoners relatief vroeg naar bed. Veelal als de duisternis intrad. En voor zover er ’s avonds geleefd werd, betrof het veelal één vertrek met verlichting en verwarming. Het aantal elektrische apparaten bestond uit niet meer dan een eenvoudige wasmachine, een stofzuiger, een strijkijzer, een radio en, ingeval van het ontbreken van gas, een elektrisch fornuis. Het elektrisch fornuis werd tijdens het stookseizoen ingeruild voor de plattebuiskachel in de woonkeuken. Het elektraverbruik lag beneden de 500 kWh en de verwarming, uitgedrukt in kWh, bedroeg ook minder dan 2.000 kWh. In totaal ging het om zo’n 2.500 kWh equivalent. Nu, vijftig jaar later, is dit meer dan verdrievoudigd, ondanks allerlei energiebesparende maatregelen.

Lees verder

DUURZAAMHEID IS EEN WEG, GEEN DOEL

door Martin Liebregts

Bij duurzaamheid gaat het niet om op zichzelf staande doelen, maar om een maatschappelijk en economisch verantwoorde manier van handelen. Dit blijkt wel uit het nieuws dat op ons afkomt, waarbij doelstellingen hulpmiddelen zijn om in beweging te komen.
Bijna elke dag staat er in de krant een bericht over nieuwe perspectieven ten aanzien van duurzaamheid, die tot uitdrukking komen in uiteenlopende ambities. Het meest aansprekende geluid was voor mij het verhaal van de bestuursvoorzitter van Unilever, Paul Polman. In het interview in de NRC van 15 november 2010 getiteld ‘Met dit beleid nemen we een risico’ wordt gesteld: ‘Unilever wil tot 2020 de omzet verdubbelen en de milieubelasting halveren’. Tevens stelt hij: ‘Een bedrijf moet in de pas lopen met de samenleving’. Om dit handen en voeten te geven, heeft Unilever alle producten van de hele keten geanalyseerd op hoe groot de impact is op het milieu.

Lees verder

Het Nieuwe Bouwen

Door Jan Willem van de Groep

Het verslag van een lezing die ik kortgeleden hield over ketensamenwerking (http://tinyurl.com/6y8kd2k) leidde tot enige commotie heb ik gemerkt. Uit het verslag kan gelezen worden dat ik het fenomeen ketensamenwerking zoals dat wordt beproefd bij Com.Wonen  niet innovatief vindt. Dat is echter niet wat ik bedoelde.  Procesverandering in de bouw is bij uitstek innovatief te noemen.
In dit artikel wil ik graag uitleggen wat ik bedoel met het feit dat niet iedere vorm van ketensamenwerking leidt tot innovatie. Ik heb het dan over de innovaties die leiden tot betaalbare, effectieve en comfortabele woon/werk producten. Procesinnovatie is daarvoor een noodzakelijk middel maar zou geen doel op zich moeten zijn.

Disclaimer
Het is geenszins mijn bedoeling om in dit artikel de initiatieven die lopen rondom ketensamenwerking in een negatief daglicht te zetten. Alle initiatieven die worden opgezet rondom dit thema dragen immers bij aan de noodzakelijke mindset verandering in de bouw. Daarvoor hebben we elkaar nodig inclusief de experimenten die nu lopen.  Ik wil er echter wel voor waken dat het fenomeen ketensamenwerking gezien gaat worden als een feestje tussen opdrachtgever en bouwkundig aannemer….daar ligt nou wel de nadruk op in de publicaties die verschijnen vanuit de initiatieven bij Com.Wonen, Ymere en Woonwaard. Op zichzelf niet mis mee, maar we gaan tekort door de bocht als we veronderstellen dat daarmee alle kansen die “ketensamenwerking” voor de sector te bieden heeft, goed voor het voetlicht komen.
Dit artikel is bedoeld als aanzet tot verdere discussie. Een discussie die wat mij betreft nieuwe vormen van ketensamenwerking uitlokt die gaan behoren tot het repertoire van de vernieuwers in de bouwsector.

Lees verder

Smile doet de gevel glimlachen

door: Martin Liebregts en Yuri van bergen

De soberheid van drie miljoen
Drie decennia lang – van 1960 tot 1990 – is aan de uitstraling en het beeld van de woningbouw weinig aandacht besteed. In die periode zijn er 3,4 miljoen woningen gebouwd, waarvan 45 procent in opdracht van de voorraad eengezinswoningen. Beperken we ons tot alleen de sociale huursector, dan is ca. 50 procent eengezinswoningen (ofwel 0,7 à 0,8 miljoen woningen). Kenmerkend voor deze woningen is een grote mate van soberheid in materiaalgebruik en detaillering. Het moet de opgave zijn om deze woningen, met respect voor het bestaande, een gezicht te geven dat duurzaam is. En aan alle eisen voor de lange toekomst voldoet.

Het woord gevel is afgeleid van het Griekse woord KEPHALE, wat hoofd betekent. In de synoniemen voor het woord gevel komt het aspect van presentatie duidelijk naar voren: gezicht, front, voorkant etc. Je probeert met de gevel alles te zeggen.

Op de markt is er geen aanbod dat de gevel als totaal beschouwt. Nog steeds gaat het in de dagelijkse praktijk om ‘losse’ onderdelen: stenen, kozijnen, luifel etc. Maar juist de samenhang van het totaal bepaalt het beeld. Het ligt in de bedoeling om een gevel als systeem met diverse marktpartijen te ontwikkelen. Een aanbod dat rekening houdt met diverse aspecten van de gevel en optimale
ruimte laat voor de keuze op projectniveau.

Lees verder

Renoveren kan best leuk zijn…

door Sjoerd Klijn Velderman

In de bestaande woningbouw heeft het proces vaak een dominante rol. Waar bij nieuwbouw veel aandacht gaat naar de techniek en logistiek (40% arbeid en 60% materiaal). Is de uitdaging voor de bestaande bouw gericht op samenwerken en overlast (60% arbeid en 40% techniek). Er wordt veel gesproken over keten-integratie, lean en conceptueel. Methoden om het proces optimaal te organiseren zodat men sneller, schoner en systematischer kan werken.
Leuk om te horen dat bewoners dit ook zo ervaren…

Klik op de onderstaande afbeelding om het volledige filmpje via RENDA, kennis platform bestaande bouw te bekijken…

Negen verhalen over het dak

Door: Martin Liebregts en Yuri van Bergen

Het dak en de zolder vormen bij uitstek de elementen van een woning die zich lenen voor meerdere verhalen. Oorspronkelijk ontworpen als loze ruimte, heeft het in de afgelopen eeuw een veelzijdige ontwikkeling doorgemaakt. Het dak en de erbij behorende ruimte hebben een structurele bijdrage geleverd aan het wonen en de beleving ervan. De vaak verborgen zolders worden steeds meer een belangrijk onderdeel van de totale woonbeleving.

Deze gedachte heeft zeven marktpartijen ertoe gebracht een samenwerking aan te gaan in de vorm van de Alliantie Dak+ om een nieuw aanbod te brengen. Een aanbod diep project overstijgend is, een betere kosten kwaliteitverhouding bezit, minder overlast geeft en meer keuzemogelijkheden in zich draagt. En wonen een nieuwe toekomst geeft.

Lees verder

Een reis van vijftig dagen…

Door: Sjoerd Klijn Velderman

Bijna 100 jaar oud zijn de meeste tuindorpen, kleine woningen met vaak veel bouwfysische knelpunten! Tijd voor de sloophamer of is het goede van vroeger op een slimme manier te versterken met het comfort van nu?

Rentree, een corporatie uit Deventer, heeft die afweging over sloop/ nieuwbouw recent moeten maken. Met succes is voor “het rode dorp” onlangs het uiterste gevraagd van de mensen van BAM woningbouw uit regio Deventer en W&R-r om de woningen te behouden en op te knappen.

Op 12 december jl. kwam het verzoek om binnen een gesteld budget een planvoorstel voor 300 tuindorpwoningen in te leveren op uiterlijk 23 december (ja dat is de vrijdag van de kerstvakantie). Na goedkeuring van de plannen is op 4 januari opdracht gegeven om een proefwoning te maken. Door een aantal lean (lean is een manier van werken waarin verspillingen uit het proces gehaald worden) sessies met de co-makers, is het gelukt om gezamenlijk een planning te maken waar alle betrokkenen achter staan. Op 10 januari zijn de plannen aan de bewoners gepresenteerd en op 24 januari is er gestart. En uiteindelijk was op 1 februari de woning gereed gekomen!

Door deze nieuwe manier van samenwerken wordt het aanvragen van de omgevingsvergunning bepalend voor de start van het werk en zijn lange reken-, teken-, productie- en voorbereidingstijd tot het verleden bestempeld en zijn faalkosten drastisch verminderd!

Van label F naar label A in 6 dagen tijd! De woning is voorzien van nieuw dakbeschot/isolatie en pannen, dakkapel, kozijnen/ramen, voorzetwanden, vloerisolatie, vraaggestuurd (co2) ventilatie, HR 107 ketel, HR++ glas, doucherenovatie, toiletrenovatie, keukenrenovatie en nieuw voegwerk!

CO-MAKERSHIP BIJ PRODUCTONTWIKKELING: HET ‘VERBORGEN VENTILATIEROOSTER’

Auteur: Johan Lemmens

Vijf tot zes keer per jaar organiseert de BouwhulpGroep een workshop, waarbij één of meerdere vertegenwoordigers van de toeleverende industrie worden uitgenodigd. Het gaat erom dan kennis, kunde en nieuwe vragen over de aanpak van de bestaande bouw uit te wisselen. Dergelijke bijeenkomsten worden aangeduid met QWERTY – de eerste vijf letters van het toetsenbord –, om aan te geven dat het om samenwerking gaat. De zo ontwikkelde kennis wordt vastgelegd in QWERTY-bladen, waarin verschillende oplossingen met elkaar vergeleken worden qua techniek, prestatie en kosten. Tijdens één van de bijeenkomsten in 2010 is de basis gelegd voor een nieuw type (verborgen) ventilatieroosters van Alusta.

Lees verder